Op deze pagina staon
aardige weetjes over Den Bosch en de Bosschenaren
bron: 't www.....
| Aantal inwoners: | 135.648 |
| Oppervlakte: | 91 km2 |
| Wateroppervlakte: | 6 km2 |
| Gemiddeld besteedbaar inkomen | € 30.200 |
| Aantal toeristische bezoeken (2007) | 4810000 |
| Aantal cafés/bars per 10.000 inwoners | 8,3 |
| Aantal restaurants per 10.000 inwoners | 9,2 |
De stad dankt
haar officiële naam aan des hertogen bos, het bos van de hertog.
In de omgangstaal heeft vrijwel iedereen het kortweg over Den Bosch. Die hertog
was
Hendrik I van Brabant.
Hij was zesentwintig jaar toen hij Den Bosch in 1185
stadsrechten met
bijbehorende handelsprivileges
verleende. Dat was puur eigenbelang.
In de noordhoek van zijn hertogdom had hij
namelijk een sterk bolwerk nodig,
ter bescherming tegen Gelre en Holland. Den Bosch heeft van die
bevoorrechte positie de
lusten gehad, maar ook de lasten. Een bloeiperiode tot rond 1520 en veel ellende daarna.
Vijftig jaar lang onder Spaans gezag. De vergeefse belegeringen door Prins
Maurits die
de stad wilde inlijven
bij de Republiek der Verenigde Provinciën.
De definitieve verovering door
Frederik Hendrik in het roemruchte jaar 1629, waardoor
Den Bosch van het hertogdom werd afgesneden. In 1794 nieuwe
rampspoed:
Franse troepen onder veldheer Pichegru nemen de stad in. In 1814
breken betere tijden
aan ; de Fransen worden door Pruisische troepen de stad
uitgejaagd, en een jaar later
wordt Den Bosch bij de vestiging van het
Koninkrijk der Nederlanden hoofdstad van de
provincie Noord-Brabant.
Wat herinnert er nu nog aan die vervlogen tijden?
Op de eerste plaats de
St.Janskathedraal die gebouwd werd in de bloeitijd van de stad.
Voorts het huis De Moriaan, het Kruithuis, het fort
de Citadel, het stadhuis en
vooral ook
de grotendeels onveranderd gebleven structuur van de stadskern: het
stramien van
bochtige straten binnen de gordel van deels nog bestaande
stadswallen met als centrum
de driehoekige Markt, het oudste plekje
van de stad. In Den Bosch is meer te zien en te
beleven dan hier is
opgesomd. De huizen in hun verscheidenheid van vormen, kleuren
en stijlen. Het
oude naast het nieuwe. Het voorbije naast het groeiende.
De sfeer die
bepaald wordt door de steeds wisselende taferelen, de
straatterrassen in de zomer,
de carillons,
de marktkooplieden, de reeks van evenementen en ook door de talrijke
bezoekers
die zich voelen aangetrokken
tot deze historische en culturele stad en haar
opgewekte bosschenaren.
D'n Draak

De Bossche Bol
De Bossche bol is echt iets
Bosch, je kunt het in bijna elk Bosch café krijgen. Ook vaak bij de warme
bakker.
De Bossche bol is gevuld met slagroom en omhuld met chocolade. De bekendste Bossche bollen-bakker is bakkerij Jan de Groot.
Mensen die in andere steden wonen en de naam
's-Hertogenbosch horen, denken meestal gelijk aan Bossche bollen. Bossche
koek Genoeg van die enorme Bossche bol maar wel zin iets
lekkers?ga dan eens voor het alternatief: de Bossche koek! Volgens het verhaal vond het zoontje van Jules de Backer
(what’s
in a name) op de zolder
in 2001 het authentieke recept voor deze kruising tussen een kruidkoek en
cake. Het recept was ooit ontwikkeld door opa Jan de Backer. Oorspronkelijk
waren er meerdere soorten Bossche koek.
Iedere familie had zo zijn eigen variant. Maar de populairste soort was de
zachte Bossche koek en dan vooral die van Jan de Backer. De koek wordt volgens
het originele recept gebakken in een houten kistje.
De Bossche koek kan daardoor tot drie maanden goed blijven.
‘Wim
Kersten is een fenomeen’, schreef Gerrit den Braber. Volgens Toon
Hermans [in 1987] was Kersten een heer uit Den Bosch, een buitengewone muzikale
Bossche bol.’ Kersten schreef over alle
dag met af en toe een klein moraaltje. Hij heeft een nieuwe traditie toegevoegd
: de typische Oeteldonkse carnavalsound. Hij kan hij terecht ‘de Vader van het
Oeteldonkse lied’ worden genoemd. De
voormalige bescheiden en humorvolle schoenwinkelier [tot
1-1-1988] uit de Kerkstraat 41, waagde zich op aandringen van Theo
Trimbosch in 1960 aan deelname aan het Oeteldonks Kwekfestijn. Met 'Ge moet het
vuule' werd het een tweede plaats. Pas in 1963 scoorde hij als eerste en later
[Keukendeur] nog eens als tweede. Als de Twee Pinten zong hij jaren achtereen,
eerst met Joep Peeters [1963-1968] toen vijf jaar solo en vanaf 1973 met Mari
van de Velden en Tony Faes als 'De Viltjes'. Kersten
schreef tientallen liedjes en bracht naast elpee's ook een cd uit. 'Bij ons
staat op de Keukendeur' [1969], 'Woensdagmorgen krijg je rode rozen' [1976],
'Een bloemetjes gordijn' en ook 'Er is een Amsterdammer doodgegaan' [1e
prijs A'dam liedjesfestival], 'Onze
Kleine St.Jan' sloeg op de kathedraal in Madurodam. Sommigen werden zelfs in het
buitenland uitgebracht. Zo tussen
de mensen, maar wel in Den Bosch. Wim
Kersten was geen cosmopoliet. Eind 1980 werd hij door PSV uitgenodigd voor de
finale van het EK voetbal in München, Wim zou er een lied voor schrijven: ’De
Cup met de grote oren’. Maar zijn paspoort bleek al dertig jaar te zijn
verlopen. Wim had hooguit een weekeindje in Cadzand en Knokke doorgebracht. Het
was geen prototype van een gezinsmens. Hij had moeite zijn gevoelens te uiten.
In het gezin liet hij de trekkersrol over aan zijn vrouw Rietje van wie hij veel
afhankelijker was dan ie liet blijken. Wim was meer een buitenmens. Iemand die
geïnteresseerd was in alles wat in Den Bosch gebeurde. Zijn zakelijke ambities
bleven beperkt tot schoenen verkopen, maar aan lastige klanten had ie een
broertje dood. Gekleed in zin geruite colbertje met bruine broek en klassieke
brooks. Daar stond hij dan in een karakteristieke houding in de halve deur van
zijn winkel in de Kerkstraat 41, zo
van [Lathouwers interpretatie]: ‘Heb het lef niet hier binnen te komen…’. Wim was
nuchter, een realist, geen idealist, erg relativerend. Het was voor hem moeilijk
zijn eigen gevoelens te uiten. Hij vermeed diepzinnige gesprekken. Om zijn
gevoelens te leren kennen moet je maar naar zijn liedjes luisteren. Wim was, als
gezelschapsman een andere Wim. Die momenten zocht hij met een glaasje
brandewijn, soms een slachtoffer zoekend [bijvoorbeeld Rietje], met wie hij ruim
50 jaar heeft samen geleefd. Zij speelden in woorden met elkaar. Toen Rietje in
1999 overleed knapte er iets bij hem. Piet de
Gruijter De Sint Jan Lengte: 115 meter Breedte: 62 meter Breedte bij de
zijbeuken: 40 meter Gewelfhoogte in het
middenschip: 29 meter Gewelfhoogte in de
zijbeuken: 14 meter Hoogte koepelgewelf: 41 meter Hoogte torenspits: 73 meter Hoogte van de spits op
centrale koepel: 63 meter Nokhoogte van het dak
(middenschip): 39 meter Aantal leien op het
dak: 700.000 Aantal beelden binnen
en buiten: circa 600 Aantal klokken in de
toren: 59 Gewicht grootste klok
‘de Noteman’: 5.500 kilo
En er schijnen mensen te zijn die ook zo lang wachten voor ze hun koek
aansnijden omdat hij van bewaren alleen maar lekkerder schijnt te worden.
Vooralsnog is de koek vrijwel alleen in Brabant en via internet (www.bosschekoek.nl)
te krijgen, maar tijdens de Bakkerij Dagen introduceert men
de Bossche koek bij vakgenoten in de rest van Nederland. Het ligt in de
bedoeling dat warme bakkers
overal in den lande de Bossche Koek in hun assortiment op gaan nemen zodat ze
ook in Groningen en Maastricht de authentieke smaak kunnen leren kennen.
Schoenenverkoper en liedjesschrijver
Voor zijn succes heeft hij nimmer zijn schoenenzaak willen opgeven.
De op en top Bosschenaar, die zich alleen hier thuis voelde, ontving voor zijn
verdiensten de Culturele stadspenning van 's-Hertogenbosch [1996], voor zijn
inzet voor Oeteldonk [o.a. het
bejaardencarnaval]: de Moeder Truus Pofffer [1990], en Theater aan de Parade
eerde hem met een borstbeeld, Kersten figureerde ooit ook als Moeder Hendrien.
In 1988 kreeg hij als tekstschrijver de Edison [1988] uitgereikt en tien jaar
later de Falco Vegelinprijs.
In zijn jeugd deed ie veel aan sport: zwemmen, zeilen,fietsen, hij was lid van
de hockeyclub.
Als een lastig portret hem niet aanstond, en die om een bepaalde schoen vroeg,
zei hij ronduit dat het model was uitverkocht….
Wim leek er onverschillig onder te blijven, maar het zat dieper. Zijn
afhankelijkheid van Rietje was veel groter dan ie zelf durfde
inschatten. Vanaf 1999 heeft ie de piano nooit meer aangeraakt.
De eerste beginselen van
onze basiliek dateren van rond 1220!
Toen nog een eenvoudige kerk in Romaanse stijl. Hieronder een aantal 'weetjes'
Feiten en Weetjes
Geboren in 's-Hertogenbosch
"Jeroen Bosch" (circa
1450)
schilder († 1516)
"Jan de Quay" (26
augustus 1901 )
minister-president († 1985)
"Willem van den Hout"
(3 juni 1915 )
schrijver en publicist (†
1985)
"Wim Kersten" (14
augustus 1924)
Carnavalszanger († 16 november
2001)
"Albert West" (2
september 1949)
Popzanger
"Leon de Winter" (24
februari 1954)
schrijver
"Willy Wilhelm" (16
september 1958)
judoka
"José Damen" (12
november 1959)
zwemster
"Albert Verlinde" (25
april 1961)
cabaretier en presentator
"Manon Bollegraf" (10
april 1964)
tennisster
"Theo Nabuurs" (Mental
Theo)(14 februari 1965)
dj en tv-presentator
"Esther Verhoef" (Esther
Verhallen)(27 september 1968)
auteur
"Lindo Duvall" (8
maart 1973)
radiodeejay
"Nicole van Hooren"
(11 juni 1973)
badmintonster
"Mijntje Donners" (4
februari 1974)
hockeyinternational
"Lotte Jonathans" (17
september 1977)
badmintonster
"Hüsnü Koçabas" (16
juni 1979)
Turks-Nederlands bokser
"Geert-Jan Derikx" (31
oktober 1980)
hockeyinternational
"Rob Derikx" (25
augustus 1982)
hockeyinternational
DE BINNENDIEZE

De Binnendieze speelde
eeuwenlang een hoofdrol in de geschiedenis van 's-Hertogenbosch. Dit riviertje
was vaarweg, wasplaats, vestinggracht, stortplaats, watervoorziening en
viswater. Uiteindelijk verkommerde het watertje als riool. Bijna werd het
helemaal gedempt.
Het is niet toevallig dat de stad 's-Hertogenbosch eind twaalfde eeuw juist te
midden van een stelsel van stromen en kreekjes in de delta van Dommel en Aa werd
gesticht. De Binnendieze bepaalde de vorm van de stad, en de groei van de stad
was op zijn beurt bepalend voor de ontwikkeling van de Binnendieze. De
hoofdstraten, de Vughterstraat, de Orthenstraat, de Hinthamerstraat en de
Verwersstraat werden aangelegd langs de natuurlijke lopen van Aa en Dommel die
in 's-Hertogenbosch bij elkaar kwamen. De Binnendieze begon als, en bleef
eeuwenlang, het kloppend hart van 's-Hertogenbosch. Als vestinggracht, vaarweg en
haven, riool, wastobbe, stortplaats, drinkwatervoorziening en viswater. De
volders spoelden er hun lakens in. Terwijl de bierbrouwers er hun water uit
haalden.
Tot in de 15e eeuw had de Binnendieze op de meeste plaatsen glooiende oevers met
al dan niet houten beschoeiing. Dat beeld veranderde toen de aanwonenden
kademuren gingen bouwen en het water gingen overkluizen. Er kwamen nieuwe takken
bij, oude takken werden gedempt. Boven de Binnendieze kwamen huizen, waardoor
het water op veel plaatsen uit het stadsbeeld verdween. In de 17e eeuw telde de
stad 175 bruggen. Nu zijn er nog 26 bruggen over de Binnendieze. Ongeveer
eenderde deel van de ruim 3,5 kilometer Binnendieze die zijn overgebleven is
overkluisd.
Nadat 's-Hertogenbosch in 1887 waterleiding had gekregen, en de Binnendieze geen
rol van betekenis meer speelde voor het scheepvaartverkeer, bleef alleen de
rioolfunctie nog over. En daarmee begon meteen het verval. Want wie onderhoudt
een riool?
De bouwvallige toestand en instortingen, vervuiling, stank en visie op de
inrichting van de stad leidden tot een debat in de Bossche gemeenteraad, begin
1969. De raad nam het fel omstreden besluit om de resterende takken van de
Binnendieze bijna in hun geheel te dempen.
Voor de stedenbouwkundige kwaliteit van de Binnendieze in de Uilenburg was wel
enige waardering. Daar manifesteerde het watertje zich namelijk duidelijk in het
stadsbeeld. Maar de rest van de Binnendieze deed eigenlijk alleen maar afbreuk
aan het streven de stad open te gooien voor het autoverkeer en de stad modern
vorm te geven, net als Tilburg en Eindhoven. Een belangrijke reden om voor
dempen te kiezen was een geldkwestie. Algehele restauratie zou vele miljoenen
vergen, naast de tien miljoen(guldens) die ook al nodig waren voor een nieuwe riolering.
Niemand wist op dat moment dat het rijk later fors in de geldbuidel zou tasten.
Maar niet iedereen dacht dat dempen onafwendbaar was. Er waren ook mensen die
oog hadden voor de stedelijke schoonheid en het historisch belang van de
Binnendieze. Terwijl in het debat van januari 1969 nog werd gesuggereerd van de
Binnendieze Ondergrondse rijwielstallingen, voetgangerstunnels, openbare
toiletten, 'Beatkelders' of wijnkelders te maken, wannen nieuwe inzichten over
stadsvernieuwing en behoud van oude binnensteden het net op tijd van de
naoorlogse vernieuwingsdrang.
De tijdgeest veranderde, de belangstelling voor historische binnensteden nam
toe. Het door de Bosschenaren H. Bergé en J. van der Eerden aangevoerde verzet
was nog niet succesvol in het raadsdebat waarin over het voortbestaan van de
Binnendieze leek te worden beslist. Het symboliseerde echter wel dat er een
ommekeer optrad in het denken in 's-Hertogenbosch en leidde uiteindelijk tot de
aanwijzing tot beschermd stadsgezicht van de binnenstad van 's-Hertogenbosch.
Wat nog van de Binnendieze over was werd daardoor alsnog gered. Zo kon in
januari 1973 begonnen worden met de restauratie. Deze restauratie kostte
uiteindelijk 19,75 miljoen euro en werd in de zomer van 1998 met groot succes
voltooid.
De verschillende natuurlijke en gegraven takken van de Binnendieze waren in de
zeventiende eeuw in totaal 12 kilometer lang. Toen het besluit viel te gaan
restaureren, was daarvan nog ruim 3,5 kilometer over. In 1971 loosden nog liefst
850 panden binnen de vesting op het open water van de Binnendieze evenals het
gemeentelijke riool.
De restauratie begon in de Uilenburg. Uiteindelijk zijn over een lengte
van 3650 meter muren, togen en funderingen van de stadsrivier gerestaureerd. In
25 jaar tijd is er voor 300 'mensjaren' werk verricht.
De overkluizingen en muren boven en langs de Binnendieze zijn eigendom van in
totaal ongeveer 450 particulieren. Gezamenlijk hebben zij de afgelopen jaren ook
nog eens miljoenen euro's geïnvesteerd in de restauratie van hun
eigendommen.
Gevelstenen
Loop langs die
mooie karakteristieke geveltjes, indrukwekkende beelden en imposante
gebouwen en laat u zich herinneren aan lang vervlogen tijden….Bezoek
Zoete Lieve Gerritje, en dit levenslustige boerenmeisje vertelt u welke sage de
juiste is!
Het
‘Gotisch Podium’
Tegenover de
Moriaan (waarin de VVV is gevestigd) vindt u ‘Het Gotisch Podium’.
Deze steen is een schenking van de bevolking ter gelegenheid van het 800-jarig
bestaan van de stad ’s-Hertogenbosch.
17e eeuwse huis ‘In de Put’
In het Tweede
Korenstraatje vindt u een gevelsteen op het 17e eeuwse huis ‘In de
Put’
waarop
Christus en de Samaritaanse vrouw bij de waterput staan.
‘De
Twee Snoeken’
In de
Karrenstraat vindt u het gebouw ‘De Twee Snoeken’ waarin vroeger een
vishandel
gevestigd was.
De naam van de vishandel vindt u ook terug in een gevelsteen aan de
andere kant
van dit pand in de Kruisstraat.
‘Inde-Gulde-Steur’
Deze gevelsteen
vindt u links tegenover de Visstraat. Het huis op nummer 46 draagt deze
naam en
herinnert aan de eeuwenlange vishandel in dit deel van de stad.
‘De
Draak’
Dit beeld op de
Wilhelminabrug is een geschenk van Jhr. Bosch van Drakestein
(commissaris des
Koning
in Noord-Brabant 1856-1894) aan de stad en tevens een
herinnering aan zijn
overleden dochters en vrouw.
Kunstwerk
op de Sint-Janssingel
Dit kunstwerk,
lijkend op een bushalte, is ontworpen in 1984 door A.L. Dorenbosch.
‘Het
Keershuys’
Dit gebouw aan
de linkerkant in de Sint Jansstraat heeft een Mariabeeld tegen de
gerestaureerde
gevel.
Het gebouw ligt dan ook aan de route van de jaarlijkse
Maria-omgang door de stad.
‘Zoete
Lieve Gerritje’
In de
Korenbrugstraat vindt u het beeld van Zoete Lieve Gerritje; het symbool
van de
Bossche en
Meierijsche geest: goedmoedig en vrolijk. Loop de wandeling
en ontdek de sage
achter dit levenslustige boerenmeisje!
‘D’n
Halve Peer’
Aan de andere
kant van de brug op de hoek van de Korenbrugstraat en de Molenstraat
ziet u
boven
het water het beeldje van d’n Halve Peer. Een gedenkteken ter ere van
‘n
“Burgervaojer” tijdens de carnavalsdagen. Dat door twee partijen betaald zou
worden.
Zwaan
boven de Binnendieze
Bij de
opstapplaats voor de vaartochten over de Binnendieze kunt u in de gevel van
het
eerste huis
een zwaan zien; en ook achter deze gevelsteen zit een leuk verhaaltje, maar
welk?
Voormalige
schuilkerk Sint Ignatius
Dit pand vindt
op nummer 4-
Later, toen de katholieken hun geloof niet mochten belijden, was hier de
schuilkerk Sint Ignatius.
Informatieplateau
Snellestraat
In de
Snellestraat, op de hoek van de eerste straat links, staat een informatieplateau
over
deze
historische plek.
‘Het
Misverstant’
In de
Snellestraat vindt u dit juweeltje van restauratiekunst. De naam houdt verband
met
het
jaartal in de zijgevel. Wat zou het verhaal achter dit mooie pandje zijn?
Maria-afbeelding
Deze afbeelding
vindt u in de Stoofstraat. Dit is een individueel initiatief van bewoners die
Maria in ’s-Hertogenbosch vereren. Als u goed oplet, zal u er nog veel meer
tegenkomen in de stad!
‘De
Drie Slootels’
Deze gevelsteen
vindt u in de Postelstraat. De steen dateert uit 1625 en waarschijnlijk
werden
deze sleutels gebruikt als uithangteken voor een smidse.
Kogel
in Kruisbroedersstraatje
Op de hoek van
een witte achtergevelzit op
Deze kogel is daar volgens de overlevering in 1629 ingeslagen en nooit
verwijderd.
Spuithuisjes
In de Sint
Jorisstraat ziet u een van de spuithuisjes die rond 1700 verspreid door de
stad
zijn gebouwd.
Onder andere waren hier de brandspuiten van de vrijwillige
brandweer
gestationeerd.
‘Sint
Joris in gevecht met de draak’
Deze gevelsteen
vindt u op nummer
op het monster
gestort toen deze een stad aanviel en heeft hem verslagen.
De stad is hem
daarvoor eeuwig
dankbaar. Aan de zijkant van nummer 25 ziet u
een tegelplateau met Maria en
Jezus.
‘Herinnering
aan Bosch’ Marieke
Op nummer 131
van de Sint Jorisstraat ziet u dit aandenken aan een volksspel dat
bewoners van
deze voormalige woonwijk toen opgevoerd hebben.
De spelers hebben zelf geld
bijeen gebracht en
een beeld laten maken.
‘Janus
Kiep’
In het lage
doorgangetje van het Klein Lombardje ziet u een gevelsteen ter
nagedachtenis aan
een bekend stadsfiguur die hierboven woonde, die eigenlijk
Janus Borghs heette.
Verderop rechtsaf langs de Binnendieze kunt u nog een
beeldje van hem zien.
Provinciaal
Rijksarchief
Aan het einde
van de Waterstraat op nummer 20, vindt u het voormalig onderkomen
van het
Provinciaal Rijksarchief. De steen boven de ingangspartij geeft dit nog aan.
Gebeitelde
koppen
Op nummer
gebeitelde koppen
als afsluiting van de rondbogen. Een mooi staaltje beeldhouwwerk!
Oud
Bogarden Straatje
In dit straatje
ziet u aan de rechterkant een aantal gevelstenen. Deze stenen zijn
de door de
gemeente uit andere panden gehaald en in deze gevel geplaatst.
‘De
Zeven Gestar’
Dit hoekhuis
staat in de Verwersstraat en heeft boven de deur stenen met sterren,
waar de
naam naar verwijst.
Oude
Dieze
Enkele huisjes
in dit straatje hebben mooie afbeeldingen, ziet u ze allemaal?
Schroef
van Archimedes
Dit is een
kunstwerk in het Pettelaarpark.
Oorlogsmonument
Een monument ter
herinnering aan slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog met daarbij
een plaquette aan de overleden Henri Bakker. Hij was de eerste Bossche piloot in
het leger.
‘Het
Joods Monument’
Dit is een
monument ter nagedachtenis aan de Bossche scholieren van de Joodse scholen die
in WOII omkwamen. Dit beeld is eveneens te vinden in het park.
Sint-Janskathedraal
Aan de overzijde
van de Parade heeft u een prima uitzicht op het groene beeld op de
Sint-Janskathedraal.
Wat klopt er niet aan de plaats en materiaal van dit beeld?
Zwanenbroedershuis
Dit neo-gotische
gebouw vindt u in de Hinthamerstraat. De zwaan is het symbool van de
Illustere Lieve Vrouwe Broederschap. Wat is het verhaal achter het symbool en de
gevelbeelden?
Muurschildering
In de etalage
van nummer
van een vogelkooi.
Bibliotheek
Op de hoek van
de Hinthamerstraat/ Sint Josephstraat kunt u de statige voor- en zijgevel
van de
bibliotheek bezichtigen.
Nummer
55 Hinthamerstraat
Dit pand heeft
een zeer fraaie 18de eeuwse raamomlijsting.
‘De
Esel’
Nummer
huis van de Regenten der Godshuizen. In de poort aan de andere kant van de
Binnendieze
ziet u muurnissen met beelden. Wie zijn deze mensen? Links van de
poort zien we een
klein luikje, waar zou dit voor gediend hebben?
Restanten
van de oude stadspoort
Rechts in de
Hinthamerstraat vindt u restanten van de oude stadspoort. In de winkel op de
hoek van de Korte Waterstraat zien we een ronde muur, opgebouwd uit
Romaanse
kloostermoppen (honderden jaren oude metselstenen).
‘Dieske’
Via de Korte
Waterstraat komt u via de poort uit bij het Herman Moerkerk Plein.
Daar zit
Dieske, een jongetje dat eind 15de eeuw vaak plasjes moest doen en
dit deed in
de Binnendieze, vandaar de naam Dieske.
Eenhoorn
Op Markt nummer
4 ziet u in het bovenlicht een eenhoorn. Het is een mythologisch dier
dat in de
Middeleeuwen symbool stond voor maagdelijkheid.
‘De
Kleine Winst’
Dit pandje is
gevestigd aan de Markt en dit is de plaats waar de Bossche schilder
Jheronimus
Bosch waarschijnlijk is geboren en heeft gewoond.
‘
’t Gulden Lavoir’
Dit is de naam
die het pand op Markt nummer 13 draagt; ook wel De Vijf Vocalen genoemd.
Onder de gootlijst ziet u enkele letters. Wat is daar de afkorting van?
‘Het
Vosken’
Op nummer 5 op
de Markt is een gebeiteld vospaardje ingemetseld in de oude trapgevel.
Lang geleden was dit de vergaderlocatie van de College der Laken-Zegelaars.
Hier werden lakens en wollen stoffen gekeurd op kwaliteit
‘Jheronimus
van Aken’
Het beeld van de
schilder die meer bekend is onder de naam Jheronimus of
Jeroen Bosch staat
tegenover het stadhuis. Bij gelegenheid van het 12,5 ambtsjubileum
van
burgemeester F.J. van Lanschot, schonk de burgerij hem dit beeld.
‘Het
Vergulde Duifke’
Nummer
vredesduif
vanwege de bevrijding van de toenmalige eigenaar
‘Huis
Roodenburg’
Op nummer 73a in
de Hinthamerstraat ziet u een gevelsteen die aangeeft hoe dit huis
er vroeger
uit heeft gezien. Zie ook de mooie steen in de zijgevel.
‘De
Moriaan’
In dit oudste
bakstenen huis van ’s-Hertogenbosch wordt u als laatste gewezen op de
bronzen
plastiek aan de zijgevel. Dit is een geschenk van de zustergemeente Trier in
1985 bij gelegenheid van het 800-jarig bestaan van de stad ’s-Hertogenbosch.